Mijn Meerkans is het digitale dossier voor de Meerkans Methode — een gedeelde werkomgeving voor hulpvrager en hulpverlener.
Van intake en driehoeksanalyse tot hulpverleningsplan en gespreksformulieren — alles op één plek, transparant en betekenisvol.
Mijn Meerkans volgt de Meerkans Leercyclus van begin tot eind. Elke stap is direct zichtbaar in het dossier — voor hulpvrager én hulpverlener.
Die vier stappen zijn niet willekeurig — ze zijn gebouwd op twee methodische pijlers die de kern vormen van de Meerkans Methode.
Begrijpen wie de persoon is, vóór het gesprek begint
De driehoeksanalyse brengt in kaart waar iemand staat — los van wat anderen erover zeggen. Dat geeft een eerlijk vertrekpunt én maakt zichtbaar welke vraag er achter de eerste hulpvraag schuilgaat.
Voor de hulpvrager is het vaak de eerste keer dat de eigen beleving — op alle levensgebieden — serieus en zonder oordeel in beeld wordt gebracht.
Groei borgen, ook als het traject voorbij is
De leercyclus structureert het hele traject — van het eerste gesprek tot het laatste. De regie ligt bij de hulpvrager zelf. De hulpverlener begeleidt; het systeem ondersteunt.
Doordat de hulpvrager actief reflecteert op eigen doelen en voortgang, ontwikkelt hij of zij gaandeweg meer zelfoplossend vermogen. Wat geleerd is, blijft terug te lezen in het dossier — ook lang nadat het traject is afgesloten.
Hulpverleners werken vaak met veel informatie uit uiteenlopende richtingen. Hulpvragers voelen zich soms toeschouwer in hun eigen traject.
Mijn Meerkans geeft beide partijen een actieve rol — elk met eigen toegang, eigen taken en zicht op elkaars bijdragen in real time.
De digitale omgeving is niet alleen een praktische keuze — ze verandert de kwaliteit van de informatie en de dynamiek tussen alle betrokkenen fundamenteel.
In een gesprek leest de hulpvrager de hulpverlener voortdurend en past antwoorden aan. Online is er geen gezicht om te lezen, niemand om rekening mee te houden. Wat hij of zij invult, vult hij of zij in voor zichzelf.
Begeleiders werken vaak met concurrerende beelden: mensen uit de omgeving van de hulpvrager geven elk hun eigen versie. Het online profiel is het enige dat tot stand komt vóórdat één van die verhalen het gesprek heeft kunnen beïnvloeden.
De hulpvrager ziet dat zijn of haar beleving serieus in kaart is gebracht — concreet, zonder dat hij of zij het zelf heeft moeten uitleggen. Voor iemand die gewend is zichzelf weg te cijferen kan dit het eerste moment zijn waarop het eigen verhaal ertoe doet.
Wanneer alle betrokkenen hetzelfde overzicht voor zich hebben — de beleving van de hulpvrager zelf — verschuift de centrale vraag: niet langer wie heeft er gelijk, maar hoe verhouden onze beelden zich tot wat de hulpvrager laat zien?
Elke keuze stoelt op praktijkervaring én op wetenschappelijke, filosofische en methodische inzichten — van Kahneman, Maslow en Covey tot Ricoeur, Nussbaum, Kamphuis en De Mönnink.
We laten je graag zien hoe het platform werkt en hoe het aansluit bij wat jouw organisatie al doet.